Zebravinken

Mijn verhaal over de witborst zebravink van Veenendaal '99.
Het was herfst 1997 toen ik door limburgse zebravinken vrienden werd ingelicht over het bestaan van wel erg grote witborst zebravinken.Daar ik voorheen al ruim twaalf jaar witborst grijzen had gekweekt was mijn interesse al snel gewekt. Toch duurde het nog tot ergens halverwege 1998 voordat ik contact legde met de kwekers van deze mooie vogels. Op een uitzondering na was de kwaliteit in Nederland op dat moment niet echt goed meer te noemen, en daar moest wat aan gebeuren vond ik. Gelukkig mocht ik van beide kwekers die ik toen heb benaderd vogels overnemen, waarvoor ik ze erg dankbaar ben. Dus samen met mijn vrouw tijdens onze vakantie in het Zwarte Woud, "toevallig" daar gepland, als eerste naar Oliver Merk. Bij hem kocht ik drie mannen en een pop, vooral de mannen waren mooi fors en al bijna wit op de borst. Later, tijdens het DZI-zebravinken festival ergens in de buurt van Bremen, had ik afgesproken met Günter Tödtemann.

Het was overigens op deze show dat ik voor het eerst aangenaam geconfronteerd werd met een uitmuntende witborst qua formaat en model, met daarbij een prachtige kleur en tekening. Een vogel die in mijn geheugen gegrift staat.Van hem kocht ik drie koppels, waarvan voornamelijk het door hemzelf uitgezochte koppel uitblonk in formaat en model, met tevens al een mooie donkere kleur.Uit deze tien vogels heb ik later vijf stuks geselecteerd voor de kweek, aangevuld met een masker grijze pop en twee mooie grijze poppen, voor de splitten-kweek. Met de overige vogels heb ik een collega witborst-kweker blij kunnen maken. Mijn koppels, waarmee ik ben gestart, waren drie witborst grijze mannen met twee grijze poppen en een masker grijze pop. En verder een koppel witborst grijs. Acht vogels heel mooi van formaat en model. Het enigste wat tegen zat tijdens de kweek was dat er veel mannen uit kwamen en maar weinig poppen. Elf grijze mannen en twee poppen split witborst,een bleekrug grijze en drie bruine poppen split witborst, uit de drie koppels voor de splitten-kweek.

En uit het koppel witborst grijs kweekte ik twee poppen en zes mannen witborst grijs, en een witborst bleekrug grijze pop.Wat formaat model betrof zaten er van deze negen witborsten acht bij zoals de in Veenendaal geshowde vogels, en maar één ietsjes mindere. Wat de kleur betrof zaten er zes goede bij, en twee te fletse (waarschijnlijk split bleekrug).De witborst bleekrug grijze pop was fraai in haar soort. Hoe kan het nou dat deze witborsten qua formaat en model niet de minderen zijn van veel goede vogels uit de normaal-serie?. Als je het mij vraagt is er inderdaad maar één mogelijkheid, en dat is een crossing-over!

Een crossing-over, ergens op het hok bij onze Duitse collega kwekers ontstaan, tussen de witborst factor en de daaraan gekoppelde factor. Een factor die er voor heeft gezorgd dat de witborst een imago heeft van, klein smal moeilijk fors te krijgen en vooral fors te behouden vogeltje, met zijn smalle kopje. Een imago wat misschien tot het verleden kan gaan behoren voor de witborst, iets wat overigens ook voor andere kleurslagen kan gaan gelden. Veel factoren zijn, met het nodige geluk wat je bij een crossing-over nodig hebt, van elkaar los te koppelen of andersom aan elkaar te koppelen. Hier mag een ieder zijn fantasie op los laten, iets wat ik zelf al heb gedaan.

Wat nu verder te doen met deze vogels?

Het lijkt me belangrijk dat dit type word vastgelegd. Dat ga ik proberen door o.a. twee witborst mannen te paren aan twee zeer fraaie grijze poppen, voor de splitten-kweek. Verder heb ik vanuit Duitsland weer diverse vogels mogen overnemen die weer heel goed van formaat en model zijn. Iets wat ik op dit moment belangrijker vind dan b.v. het tonen van een oogstreep of wat borsttekening. En later in het seizoen ga ik nog wat proberen met één of twee van mijn grootste bleekrug bruine poppen, met perfecte brede koppen, tegen witborst mannen, waarvan vooral de jonge grijze splitpoppen me wel geschikt lijken voor verdere kweek.

Dit alles, met de vorig jaar gekweekte splitten en volle witborsten, moeten er dus voor zorgen dat ik voor een volgend jaar kan beschikken over een brede selectie forse vogels. Daarna kan ik gaan werken aan de kleur en tekening. Dat zou, hier in Nederland, een nieuwe generatie witborsten kunnen betekenen. Dan moet wel het crossing-over verhaal juist zijn, iets waar ik zelf vast van overtuigd ben. De reden daarvan is dat ik in de periode tussen 1982 en 1993 er alles aan heb geprobeerd om het formaat model goed te krijgen, iets wat toen slechts af en toe gelukt is. En dat terwijl ik wel de beschikking had over mooie forse vogels voor de splitten-kweek. Als het al lukte was het hooguit een klein aantal, op een kweekseizoen, die dan later zelf weer kleinere jongen gaven. En dit kleine aantal betrof dan goede formaat en model vogels,maar absoluut niet zoals die types van Veenendaal 1999.

Hieronder de drie vogels die in Veenendaal zaten in Oktober 99.



Bovenstaande man kreeg 93 punten en was de mooiste vogel van de show, deze prijs was voor het eerst voor een witborst grijs.



Deze man en pop kregen beiden 91 punten.


Groetjes, Huub Janssen.